woensdag 2 juni 2010

//terugblik//rote armee fraktion//sympathie voor radicalisme//

Sympathie voor radicalisme: Wat zegt het? Wat gaat er achter schuil? Hoe gaan we er mee om? Sympathisanten vormen veelal het sociaal en psychologisch milieu van terroristische organisaties. Het Umfeld is een belangrijke factor in de radicalisatie. Dit bleek woensdag 2 juni 2010, ruim veertig jaar nadat de Rote Armee Fraktion werd opgericht.

Onder leiding van gespreksleider Hanco Jürgens werd nader aandacht besteed aan deze links extremistische terreurbeweging, maar vooral de vraag hoe sympathie voor radicalisme kan ontstaan. In een boeiende bijdrage ging historicus Jacco Pekelder in op de sociale omgeving van de RAF en andere terroristen. Door omstandigheden ging de bijdrage van terrorismedeskundige Edwin Bakker niet door.

//BETEKENIS VAN HET UMFELD//
Jacco Pekelder begon zijn bijdrage met het uiteenzetten van de sociale omgeving van terroristen in schillen. De kern van deze schil bestaat uit de terroristen zelf, de binnenste schil betreft de sociaal en psychologische omgeving (het Umfeld) en de buitenste schil wordt ten slotte gevormd door de samenleving.

Voor terroristen vormt het Umfeld een belangrijke rekruteringsbasis, maar zeker ook een reservoir van rechtvaardigingen voor hun daden en gedachtegoed. Voor de maatschappij is het Umfeld echter een bron van potentieel gevaar, de brug naar radicalisatie. Het is vooral interessant hoe de samenleving hier mee omgaat.

//ROTE ARMEE FRAKTION//
In het vervolg van zijn lezing schetste Jacco Pekelder aan de hand van tijdsbeelden kort de lange geschiedenis van de Rote Armee Fraktion: Ontstaan (1968-1970), Triomf en nederlaag (1970-1972), Solidariteit en wederopstanding (1973-1975), Tweede generatie en Duitse Herfst (1975-1977), Het lange afscheid (1978-1998).

Daarnaast werd kort gerefereerd aan het feit dat de RAF een nadrukkelijk verband met Utrecht heeft. Op de Kroeselaan werd in het najaar van 1977 een brigadier doodgeschoten en een andere ernstig verwond door RAF-lid Knut Folkerts. Folkerts werd later berecht in het oude gerechtsgebouw, gelegen aan de Hamburgerstraat.

//BELEVINGSWERELD//
Jacco Pekelder ging ook nadrukkelijk in op de belevingswereld van een aantal terroristen en sympathisanten. Zo zei de Nederlandse psychiater en RAF-sympathisant Frank van Ree: “Het spijt me dat ik geen handgranaten voor ze zal gooien!”

Oud-terrorist Michael ‘Bommi’ Baumann gaat in zijn boek vooral in op het proces van ‘ontmenselijking’ dat bij veel stadsguerrilla’s ontstaat: “Je loopt op een gegeven moment alleen nog als een revolverman rond. … Een man, die met een blaffer rondloopt, verlegt zijn zwaartepunt naar zijn wapen, waar hij dat draagt..."

//REACTIE OP RADICALISERING//
Tot slot werd door Jacco Pekelder aandacht besteed aan de strenge maatregelen die in Duitsland werden genomen in een poging het radicalisme onder controle te houden. Zo werd het ‘Radikalenerlass’ ingevoerd, zogenaamde ‘Berufsverbote’ die het mogelijk maakten radicalen of sympathisanten te weren in verschillende beroepen.

Ook werd strafrechtverruiming toegepast, advocatenrechten werden ingeperkt. Intellectuele sympathisanten werden vaak aangeduid als ‘schreibtischtäter’. Door de strenge maatregelen werd Duitsland steeds meer bestempeld als een politiestaat, de reacties op radicalisering en terrorisme hadden vaak juist een averechts effect.


//DE RODE JAREN//
De avond werd afgesloten met de documentaire ‘De Rode Jaren’ van filmmaker Leo de Boer. Voorafgaand werd door gespreksleider Hanco Jürgens een kort vraaggesprek gevoerd met Paul Moussault, mede-auteur van het boek ‘Rood Verzetsfront’. Moussault was in het verleden actief voor het Rood Verzetsfront, een radicaal-linkse organisatie die ontstond uit de ‘Rode Jeugd’.

In de documentaire staat de ‘Rode Jeugd’ vervolgens centraal. Een eveneens radicale, linkse en Nederlandse organisatie die optrad in de schaduw van de Rote Armee Fraktion en streed tegen de oorlog in Vietnam en de kapitalistische maatschappij. Ook hier blijkt dat de sociale omgeving een zeer belangrijke rol heeft gespeeld in de uiteindelijke radicalisatie.


//MEER INFORMATIE//

Boeken
Jacco Pekelder - Sympathie voor de RAF
Paul Moussault - Rood Verzetsfront

Sprekers
Hanco Jürgens - Info
Jacco Pekelder - Info
Edwin Bakker - Info

//rote armee fraktion//sympathie voor radicalisme//

Op woensdag 2 juni 2010 organiseert Kwestie in samenwerking met Atelier de Werkvloer een thema-avond over de Rote Armee Fraktion. Onder leiding van Hanco Jürgens, historicus en verbonden aan het Duitsland Instituut, wordt nader aandacht besteed aan deze links extremistische terreurbeweging én de vraag hoe sympathie voor radicalisme kan ontstaan. Sprekers deze avond zijn: Jacco Pekelder, historicus en auteur van het boek 'Sympathie voor de RAF' en Edwin Bakker, terrorismedeskundige van Instituut Clingendael. De avond wordt afgesloten met de documentaire 'De Rode Jaren'.

//PROGRAMMA//
Woensdag 2 juni 2010, 19.15 uur, Atelier de Werkvloer

19.15 uur Ontvangst
19.30 uur Inleiding op het thema
19.40 uur Sympathie voor de RAF
20.05 uur Radicalen en hun 'Umfeld'
20.30 uur Vragen, discussie
20.50 uur Afsluiting
21.00 uur Documentaire: 'De Rode Jaren'

//DEELNEMEN//
De toegang is gratis. Stuur om deel te nemen aan deze thema-avond een e-mail naar info@kwestie.net vóór zondag 30 mei a.s.

//LOCATIE//
//atelier de werkvloer//brigittenstraat 7, 3512 kj utrecht//
//info@atelierdewerkvloer.nl//http://www.atelierdewerkvloer.nl///

//VOORAF//

Duitsland, de jaren zeventig. De Rote Armee Fraktion (RAF) bedreigt met vele bloedige aanslagen de grondvesten van de jonge Duitse democratie. Op 14 mei was het veertig jaar geleden dat de links extremistische terreurbeweging werd opgericht. Ondanks de terreur kon de RAF in veel links intellectuele kringen op de nodige sympathie rekenen. Met een thema-avond op 2 juni a.s. duikt Kwestie in de geschiedenis van de Rote Armee Fraktion en de vraag hoe sympathie voor radicalisme kan ontstaan.

De oorsprong van de Rote Armee Fraktion lag in de studentenprotesten van de jaren zestig. Protesten voor een eerlijke verdeling tussen arm en rijk; tegen het kapitalisme en het Amerikaanse imperialisme. In Duitsland nog eens exta versterkt doordat een groot gedeelte van de gevestigde orde werd gevormd door een generatie die het nationaal-socialimse actief had gesteund. De ideologie van de Rote Armee Fraktion mondde al snel uit een stadsguerilla, maar vond desondanks aansluiting in Nederland.

De solidariteitsbeweging werd in eerste instantie voornamelijk gevormd vanuit links intellectuele kring, daarbij gevoed vanuit een overeenkomstige ideologie en bezorgdheid van de ontwikkelingen in Duitsland richting een politiestaat. Ook veel Nederlandse media reageerden aanvankelijk met sympathie op de RAF en toonde kritiek op de maatregelen die de Duitse overheid nam in een poging de beweging in haar greep te houden. Deze kritiek verstomde pas na enkele tragische incidenten in Nederland.

woensdag 31 maart 2010

//terugblik//jesse owens//mythe en werkelijkheid//


Was Jesse Owens daadwerkelijk de man die tijdens de Olympische Spelen van 1936 de door de nazi’s geplande demonstratie van Arische suprematie ruw verstoorde? Of was de sportlegende toch vooral het slachtoffer van discriminatie in eigen land? Ons collectieve geheugen biedt ruimte voor nuance. Dit bleek op woensdagavond 31 maart 2010, precies dertig jaar nadat Jesse Owens aan longkanker overleed.

Onder leiding van gespreksleider Marcoen Hopstaken werden mythe en werkelijkheid rondom de sportheld nader belicht. Bijdragen van sporthistoricus Jurryt van de Vooren en Volkskrant-journalist Rolf Bos zorgden voor een ontrafeling van de mythe en een realistisch beeld van de werkelijkheid rond de geschiedenis van James Cleveland Owens, maar ook over sport en politiek in het algemeen.

//HANDEN SCHUDDEN//
Jurryt van de Vooren ontkrachtte vrijwel meteen de meest bekende mythe: de vermeende weigering van Adolf Hitler om de zwarte Jesse Owens de hand te schudden na zijn glorieuze overwinningen. De führer was in eerder stadium namelijk al door het IOC terecht gewezen op het feit dat hij bij het feliciteren van de winnaars niet selectief te werk kon gaan. Hierop besloot de Duitse leider om dan niemand meer te feliciteren, al bestaan er geluiden dat hij alle Duitse winnaars persoonlijk ontving.

//ARISCHE SUPREMATIE//
Ook het Arische feestje werd die zomer niet verstoord. Owens won weliswaar vier gouden medailles in het hol van de leeuw, maar na afloop van de Olympische Spelen bleek dat Nazi-Duitsland fier het medailleklassement aanvoerde. De Duitsers wonnen 33 gouden medailles en 89 plakken in totaal. Hiermee versloegen ze voor het eerst in de geschiedenis de Amerikanen, die er 56 wonnen, waarvan 24 gouden medailles.

//IRONIE//
Jesse Owens zelf koesterde geen negatieve ervaringen tijdens zijn verblijf in het ‘Derde Rijk’, zo stelde Jurryt van de Vooren. Het Duitse publiek was razend enthousiast over zijn prestaties en hij sloot vriendschap met de Duitse verspringer Luz Long, die later tijdens de Tweede Wereldoorlog zou overlijden. De ironie wilde dat Owens in Berlijn meer bewegingsvrijheid kende dan in zijn eigen land.

//SPORT EN POLITIEK//
Jurryt van de Vooren stond verder uitgebreid stil bij allerlei interessante wetenswaardigheden over sport en politiek in het algemeen. Zo blijkt de Olympische groet verdacht veel gelijkenis te vertonen met de gewraakte Hitlergroet, de Olympische Spelen van 1936 niet het eerste sportevenement met politieke lading te zijn en de Olympische vlam voor het eerst in Amsterdam in 1928 te zijn gebruikt.


//SWEET HOME ALABAMA//
Het eigen artikel ‘Sweet Home Alabama’ vormde de rode draad van het verhaal van Rolf Bos. Enkele jaren geleden trok hij naar de Verenigde Staten om de voetsporen van Jesse Owens te volgen. Hij bezocht o.a. het Jesse Owens Memorial Park waar een replica van het huisje van de familie Owens te vinden is, een standbeeld en andere herinneringen aan het leven van de zwarte sportheld.

Jesse Owens groeide op onder erbarmelijke omstandigheden in de eerste helft van de twintigste eeuw. Het racisme vierde hoogtij in Alabama en het gezin voorzag in het levensonderhoud door zwaar werk op een katoenplantage van een Ierse landeigenaar. Op negenjarige leeftijd verhuisde Jesse Owens met zijn familie naar Cleveland waar hij voor het eerst van zich deed spreken op atletiekgebied.

//SCHORSING//
Owens was pas 23 jaar tijdens zijn momenten van glorie in Berlijn, waar hij zegevierde op de 100 meter, de 200 meter, de 4 keer 100 meter en bij het verspringen. Vreemd genoeg verdween hij daarna uit beeld, vooral omdat hij na de Olympische Spelen weigerde nog langer als amateursporter demonstratiewedsrijden in Europa te lopen. Wedstrijden waarmee de Amerikaanse bond veel geld verdiende. Hij werd geschorst en trad alleen nog aan in merkwaardige evenementen, zoals een wedstrijd tegen een paard.

//ERKENNING//
Ook de toenmalige Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt ontving Owens bij terugkomst in Amerika niet op het Witte Huis. Pas in de nadagen van zijn leven kreeg Jesse Owens de erkenning die hij verdiende, zo stelt Rolf Bos. Hij werd onderscheiden en verdiende zijn geld onder meer als veelgevraagd spreker en radiocommentator.

//INVLOED//
Zijn invloed op de emancipatie van zwarte sporters was echter minimaal. Ook in de strijd tegen het racisme speelde hij geen prominente rol. Pas tijdens de Olympische Spelen van 1968 in Mexico werd voor de eerste keer een publiek statement gemaakt tegen de discriminatie van zwarten. De zwarte sprinters Tommie Smith en John Carlos brachten op het podium de ‘Black Salute’, uit protest tegen de nog altijd ondergeschikte positie van zwarten in de maatschappij.


//JESSE OWENS RETURNS TO BERLIN//
De avond werd afgesloten met een film uit 1964, ‘Jesse Owens Returns to Berlin’. Deze film van Bud Greenspan kreeg halverwege de jaren zestig maar ternauwernood toegang tot de Amerikaanse bestel, waar rassenrellen en discriminatie indertijd nog aan de orde van de dag waren. In de film keert Owens terug naar het stadion waar hij zijn grootste triomfen vierde.

In de film wordt een helder beeld geschetst van de politieke situatie in 1936. Verder wordt veelvuldig gebruik gemaakt van beelden uit de film ‘Olympia’ van Leni Riefenstahl. Vanuit filmisch oogpunt en in het licht van de tijd is de verslaglegging van Riefenstahl revolutionair. De prestaties van Jesse Owens worden uitgebreid geportretteerd. Daarmee kan ook de mythe worden genuanceerd dat Riefenstahl toch vooral de opdracht had de suprematie van het Arische ras in beeld te brengen.


//MEER INFORMATIE//

Artikelen
Atletiekunie - De mythes rond Jesse Owens ontrafeld
All Track Press - Mythe en werkelijkheid rond Jesse Owens

Sprekers
Jurryt van de Vooren - http://twitter.com/JRRT
Rolf Bos - http://twitter.com/RolfBos

//jesse owens//mythe en werkelijkheid//


Op woensdag 31 maart 2010 organiseert Kwestie in samenwerking met Atelier de Werkvloer een thema-avond over Jesse Owens. Onder leiding van Marcoen Hopstaken worden mythe en werkelijkheid rond de sportheld nader belicht. Sprekers deze avond zijn: Jurryt van de Vooren, sporthistoricus, hij ging in een aantal artikelen o.a. in op de misverstanden en mythes rond Jesse Owens. Rolf Bos, redacteur bij de Volkskrant en het literaire blad ‘42’, hij bezocht o.a. de ‘roots’ van Owens in Alabama. De avond wordt afgesloten met een film uit 1964 van Bud Greenspan: ‘Jesse Owens Returns to Berlin’

//PROGRAMMA//
Woensdag 31 maart 2010, 19.15 uur, Atelier de Werkvloer

19.15 uur Ontvangst
19.30 uur Inleiding op het thema
19.40 uur De mythes rond Jesse Owens
20.10 uur In de voetsporen van Jesse Owens
20.30 uur Vragen, discussie
20.50 uur Afsluiting
21.00 uur Film: ‘Jesse Owens Returns to Berlin’

//DEELNEMEN//
De toegang is gratis. Stuur om deel te nemen aan deze thema-avond een e-mail naar mailto:%20info@kwestie.net vóór woensdag 24 maart a.s.

//LOCATIE//
//atelier de werkvloer//brigittenstraat 7, 3512 kj utrecht//
//mailto:%20info@atelierdewerkvloer.nl//http://www.atelierdewerkvloer.nl///

//VOORAF//
Jesse Owens was de koning van de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Op 31 maart is het dertig jaar geleden dat de legendarische Amerikaanse hardloper en verspringer aan longkanker overleed. Nog altijd spreken de prestaties van de zwarte Owens tot de verbeelding: in het hol van de leeuw, tijdens de hoogtijdagen van het nazistische regime. Een mythe was geboren. Kwestie duikt in de geschiedenis van Jesse Owens met een thema-avond op woensdag 31 maart 2010.

Vastgelegd door de camera’s van cineast Leni Riefenstahl won Owens vier keer goud, die gedenkwaardige zomer in Berlijn. Dit zeer tot ongenoegen van Adolf Hitler, die van de Spelen vooral een demonstratie van blanke suprematie wilde maken. Toch werd niet alleen het Duitse feestje verstoord. De ironie wilde namelijk dat Owens tijdens zijn verblijf in nazi-Duitsland meer bewegingsvrijheid kende dan in de Verenigde Staten, waar de zwarte bevolking indertijd openlijk werd gediscrimineerd.

Onlangs waarde de geest van Jesse Owens opnieuw nadrukkelijk rond in het Olympiastadion in Berlijn, het decor waar vorige zomer de wereldkampioenschappen atletiek werden georganiseerd. Tijdens het evenement werd de zwarte atleet postuum geëerd door de atletiek-wereld. De huidige generatie Amerikaanse topatleten droegen de initialen ‘JO’ op het shirt. Passende gebaren uit eerbied voor een van de grootste sporters uit de 20e eeuw.